Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AZ0574

Datum uitspraak2006-08-09
Datum gepubliceerd2006-10-20
RechtsgebiedHandelszaak
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers75417 / HA ZA 06-119
Statusgepubliceerd


Indicatie

Verkoop van een Mazda Sport Active 2.0. Na koop blijkt dat bij de Mazda een kleurverschil bestaat tussen het binnenspuitwerk en het buitenspuitwerk hetgeen bij de bekeken showroommodellen niet het geval was. Aan een deskundige zal worden gevraagd zich uit te laten over de gebruikelijke gang van zaken in de autobranche op dit punt.


Uitspraak

RECHTBANK Zutphen Sector Civiel – Afdeling Handel zaaknummer / rolnummer: 75417 / HA ZA 06-119 Vonnis van 9 augustus 2006 in de zaak van [eiser], wonende te [plaats], eiser, procureur mr. C.B. Gaaf, advocaat mr. R.K.E. Buysrogge te Zwolle, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid AUTOBEDRIJF LENSELINK B.V., gevestigd te Zutphen, gedaagde, procureur mr. B.H. van den Tooren. Partijen zullen hierna [eiser] en Autobedrijf Lenselink B.V. genoemd worden. 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 16 januari 2006 - de conclusie van antwoord - het tussenvonnis van 15 maart 2006 - het proces-verbaal van comparitie van 15 mei 2006. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2. De feiten 2.1. Op 18 juni 2004 heeft [eiser] van Autobedrijf Lenselink B.V. een nieuwe auto, een Mazda Sport Active 2.0 gekocht voor een totaalprijs van € 26.759,00. De auto is geleverd in januari 2005. Kort na de aflevering is gebleken dat de kleur van de onderkant van de motorkap, van de onderkant van de achterklep en van de binnenkant van het motorcompartiment verschilt van de kleur van de buitenkant van de auto. De buitenkant van de auto is zwart, terwijl de binnenkant donkergrijs is. 3. De vordering 3.1. [eiser] vordert dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, Autobedrijf Lenselink B.V. zal veroordelen om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 9.500,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 januari 2006 tot de dag der algehele betaling, met veroordeling van Autobedrijf Lenselink B.V. in de kosten van de procedure. 3.2. Hij heeft daartoe, tegen de achtergrond van de vaststaande feiten, het navolgende aangevoerd. De auto wijkt qua kleur af van het model dat hij heeft gezien toen hij de auto kocht en wat gangbaar is. Door die afwijking wordt de waarde van de auto sterk nadelig beïnvloed. Autobedrijf Lenselink B.V. is daardoor te kort geschoten in de nakoming van de overeenkomst tussen partijen. [eiser] lijdt daardoor schade. De bewuste onderdelen zullen moeten worden overgespoten, waartoe onderdelen van de auto zullen moeten worden gedemonteerd. De kosten daarvan belopen € 4.500,00. Daarnaast zal de auto bij inruil € 5.000,00 minder waard zijn, omdat altijd te zien blijft dat er overgespoten is en daaruit zal worden geconcludeerd dat het een schadeauto is. 4. Het verweer 4.1. Autobedrijf Lenselink B.V. concludeert dat de rechtbank, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [eiser] in zijn vorderingen niet ontvankelijk zal verklaren, althans dat de vorderingen van [eiser] zullen worden afgewezen, met veroordeling van [eiser] in de kosten van de procedure. 4.2. Zij heeft daartoe, tegen de achtergrond van de vaststaande feiten, het navolgende aangevoerd. Uit navraag bij Mazda Japan blijkt dat sinds maart 2003 bij de Mazda productielocatie Hofu H1 het binnenlakwerk van de daar geproduceerde auto’s iets kan afwijken van de kleur van de buitenlak. Dat gaat om meerdere modellen. De geringe, van buiten niet zichtbare, kleurafwijking is bij Mazda wel degelijk gangbaar. Autobedrijf Lenselink B.V. betwist dat deze kleurafwijking leidt tot de conclusie dat het om een schade auto zou gaan. Deze kleurafwijking beïnvloedt de inruilwaarde van de auto niet, ook omdat iedere koper ziet dat het binnenspuitwerk van de auto ‘origineel’ is. De auto beantwoordt geheel aan de koopovereenkomst tussen partijen. Showroommodellen dienen slechts als aanduiding voor wat de koper koopt, maar op (ondergeschikte) details kan de uiteindelijk af te leveren auto wel eens afwijken van hetgeen de koper in de showroom heeft gezien. Dat geldt bij alle automerken. Dat staat ook in brochures. Subsidiair stelt Autobedrijf Lenselink B.V. dat de aanspraak op de door [eiser] gestelde vergoeding in strijd is met de redelijkheid en billijkheid en dat de gevorderde kosten voor het overspuiten te hoog zijn, mede nu [eiser] haar niet in de gelegenheid heeft gesteld om het zelf te doen. 5. De beoordeling 5.1. Autobedrijf Lenselink B.V. heeft in haar conclusie van antwoord gesteld dat sinds maart 2003 bij de Mazda productielocatie Hofu H1 het binnenlakwerk van de daar geproduceerde auto’s iets kan afwijken van de kleur van de buitenlak en dat de geringe, van buiten niet zichtbare, kleurafwijking bij Mazda wel degelijk gangbaar is. [eiser] heeft bij de comparitie van partijen daar niets tegenin gebracht. De rechtbank leidt daaruit af dat vast staat dat sinds medio 2003 een groot aantal Mazda’s worden geproduceerd en aan de consument afgeleverd met een (gering) kleurverschil tussen het buiten- en het binnenspuitwerk. De vraag is echter of [eiser] mocht verwachten dat de door hem gekochte Mazda geen kleurverschil tussen het buiten- en het binnenspuitwerk vertoonde. Tijdens de comparitie van partijen is namens Autobedrijf Lenselink B.V. onbetwist gesteld dat er door partijen voorafgaande aan de koop niet gesproken is over de kleur van het buiten- en het binnenspuitwerk van de aan te kopen auto. [eiser] beroept zich erop dat hij voorafgaande aan de koop in de showroom van Autobedrijf Lenselink B.V. een rode en een gele Mazda heeft gezien en bij een andere dealer een zwarte, die geen van allen een kleurverschil tussen het buiten- en het binnenspuitwerk vertoonden, hetgeen door Autobedrijf Lenselink B.V. niet is betwist. Autobedrijf Lenselink B.V. stelt daar tegenover dat showroommodellen slechts dienen als aanduiding en dat de geleverde auto’s op (ondergeschikte) details daarvan mogen afwijken. Nu [eiser] dat betwist, ligt het op de weg van Autobedrijf Lenselink B.V. om haar stelling in deze te bewijzen. Daarbij kan een rol spelen dat het voorkomen van geringe afwijkingen in verkoopbrochure(s) wordt vermeld, zoals Autobedrijf Lenselink B.V. heeft gesteld. Autobedrijf Lenselink B.V. zal in de gelegenheid gesteld worden om deze brochure(s) in het geding te brengen. 5.2. Daarnaast acht de rechtbank het overigens voor het bewijs gewenst dat een branchedeskundige wordt gevraagd zich uit te laten over de gebruikelijke gang van zaken in de autobranche op dit punt. Voordat daartoe wordt overgegaan, zal de rechtbank partijen in de gelegenheid stellen zich uit te laten over de persoon van de te benoemen deskundige en over de aan de deskundige voor te leggen vragen. Zij dienen daarbij aan te geven over welke deskundige zij het eens zijn, dan wel tegen wie zij gemotiveerd bezwaar hebben. De rechtbank zal de zaak hiertoe naar de rol verwijzen. Afhankelijk van de uitkomst van het deskundigenonderzoek zal worden bezien of nog nadere bewijslevering nodig wordt geacht. 5.3. [eiser], als de eisende partij, en Autobedrijf Lenselink B.V., als de partij op wie in deze zaak de bewijslast rust, zullen gezamenlijk worden belast met de betaling van het voorschot op de kosten van de deskundige. Afhankelijk van de uitkomst van deze procedure zal worden bepaald welke partij(en) deze kosten zal(zullen) dienen te dragen. 6. De beslissing De rechtbank 6.1. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 23 augustus 2006 voor het nemen van een akte door beide partijen waarin zij zich uitlaten over de aangekondigde deskundigenrapportage, alsmede voor het overleggen van de brochure(s) door partij Autobedrijf Lenselink B.V. 6.2. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. H.C.M. Boon en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2006. bn/sb